Winkel ||Tuininformatie || Info || Contact || Mijn account || Mijn mandje
Florafun-Tuininfo
Als je problemen of vragen hebt kun je altijd contact opnemen met website@florafun.be
Home
Plantenfiches
Ecologie en milieu
Hoe snoeien?
Bodembedekkers
Groentetuin
Siertuin
Kamerplanten
Fruittuin
De bodem
Bemesting
Water in de tuin
Onderhoud van tomaten


De zomersnoei
Weinig mensen weten dat eigenlijk de zomer de optimale snoei periode is! Het is namelijk zo wanneer u grote snoei werken wilt uitvoeren dat beste kiest voor de zomer.
Vooral bij fruitbomen kun je groot verschil zien dat u veel minder kans hebt op waterloten. De zomer is dan ook ideale periode om water loten uit te scheuren.
Het is wel zo dat beter wacht tot de avond of late namiddag om te snoeien, zodat uitdroging niet te sterkt is.

Algemeenheden bij het snoeien:
Snoeien kan iedereen als je voldoende informatie hebt, het zeer belangelijk dat eerst kijk hoe de plant er zou moeten uitzien in de natuurlijk. Veel mensen vergeten dat planten altijd proberen hun natuurlijk vrom te bekomen.

Het is gewoon onmogelijk om een planten die van natuur een open groei heeft die om te vromen tot een haag. en het is ook goed om te weten dat snoeien niet altijd nodig is. Als een plant plaats heeft van uitgroeien is het meer dan voldoende om gewoon dood hout te verwijderen.

Er zijn verschillende winkels die afdenkmiddel gebruiken, uit eigen ervaring en kennis over de plant weet ik met zekerheid te zeggen dat dit te NADEELE is van de plant. Een plant zal altijd zijn eigen worden mooi overgroeien. Het is hiervoor wel van belang juist te snoeien! Het is zeer belangelijk dat je de takkenkraag niet beschadig, want hieruit zal plant het eerste reageren.

Hoe moet je nu starten?
De algemen regels is verwijder eerst alle dode takken uit je boom of struik. Dit is één van de belangerijkste stappen. Als je deze stap zou overslaan zou je zien dat ja al snel teveel mooie en gezonde takken zou weg snoeien.

Gewas bescherming tijdens het snoeien:
Iedereen snoeit maar heeft je er al eens bij stil gestaan dat ziekten en plagen zicht ook door het snoeien kunnen voortzetten.
Als je snoeit maak je een wonde aan de boom, deze wonde kan ziekten opnemen. Het is dus van zeer belang dat je juist zal snoeien.
Let er op dat je regelmatig je snoei materiaal ontsmet, als je dit niet zou doen is je snoeimateriaal de ideale ziektedrager. Zo zou de ziekte of plaag zich in een korte tijd over de ganse tuin kunnen verspreiden.

Ook de manier dat je snoeit doet er veel aan hoe snel je ziekten zich zou kunnen verspreiden. Je moet er altijd voor zorgen dat je de takkenkraag laat staan, maar laat ook niet teveel staan anders krijg je waterloten of een rotting die zich gemakkelijk verder in de boom kan verspreiden. Snoei ook zo vroeg mogelijk zodat je nooit grote wonden krijgt.

Wondafdekkingsmiddel is een overbodig punt, het kan zelf de ziekte of plaag versnellen. Een boom zal zelf de wonde terug overgroeien als je goed hebt gesnoeid!!!

Bij de planten fiches vind je meer snoei info per plant, dit gaat samen met de snoei informatie die hier is vermeld. Indien je vragen hebt voor het herstellen van planten of een planten die niet in onze planten fiches staat neem contact met website@florafun.be!

Hieronder vind je nog wat meer informatie afgandelijk van type:

Snoeien van bomen
Snoei nooit meer dan 20% van de kruin weg in 1groei sezoen, dit zal voorkomen dat de boom overgaat tot wildgroei.

Bij jonge bomen wordt het teveel aan takken en twijgen vroegtijdig weggenomen, waardoor de overblijvende takken en twijgen zich normaal kunnen ontwikkelen. Gedurende de eerste jaren blijft met deze vormsnoei toepassen, maar blijf er steeds voor zorgen dat de kroon zich regelmatig ontwikkelt. Daarbij moet op gelet worden dat de harttak in goede verhouding is met de overige takken.

Voor de opbouw van de kroon kiest u de best geplaatste takken uit, regelmatig verspreid naar alle kanten. Van meer elkaar kruisende takken worden alle op een na verwijderd. Takken die naar het midden van de boom gericht staan, neemt u eveneens weg.
Best kort men de takken in op een naar buiten staand oog. Bij soorten die tegenoverstaande knoppen hebben, breekt u een knop weg om gaffelvorming te voorkomen.

De meeste bomen mag u in het voorjaar en winter snoeien. Oude bomen worden eigenlijk alleen gesnoeid wanneer de kronen van de bomen te zwaar en te breed uitgegroeid zijn, zodat er kans op takbreuk ontstaat.

Bij sommige bomen is het noodzakelijk de toptwijg in te korten omdat deze lang en slap is. U snoeit dan op een lager gelegen, goed ontwikkelde knop. Bij bomen met dikke eindknoppen wordt de toptwijg niet ingekort, bijvoorbeeld bij Fraxinus, Catalpa, Aesculus en Acer.
Bomen die op jonge leeftijd weinig scheuten vormen, worden niet gesnoeid: zoals Juglans, Pterocarya en Ailanthus.
Bij Fagus en Tilia moet u ervoor oppassen dat u niet teveel takken tegelijk weghaalt. De kans op "zonnebrand" is dan groot. De stam wordt plotseling blootgesteld aan de zon, de schors laat op de aangetaste plekken los, zodat weer en wind kunnen inwerken op het hout.

Snoeien van sierheesters
Alle eigenschappen die we bomen toekennen, zijn ook van toepassing op sierheesters, zij het in geringere mate. Sierheesters vormen echter geen doorgaande stam en hebben hun vertakkingen vlak boven de grond.

In onze siertuinen worden heesters vanwege hun sierwaarde (bloemen, vruchten, mooi blad) aangeplant. De manier van snoeien is dan ook gericht op dit doel.

Snoeien van voorjaarsbloeiers
Deze bloeien op het hout dat het vorige jaar is gegroeid. Na de bloei worden alle takken die gebloeid hebben, zo diep mogelijk weggesnoeid.
De eenjarige twijgen laten we zitten. Er is maar weinig jong schot vanuit de grond ontsproten, dan worden de uitgebloeide takken tot de laagst geplaatste jonge twijgen afgeknipt. Knip oude uitgebloeide takken op één meter hoogte of hoger af.
Dicht bij de snijwond groeit dan een hele bos nieuwe scheuten en het onderste gedeelte van de struik wordt kaal Dit geldt bijvoorbeeld voor:
Philadelphus, Kerria, Spiraea thunbergii, Spiraea arguta, Ribes, Tamarix en Forsythia.

Snoeien van zomerbloeiers
Alle twijgen en takken kunnen in maart/april worden ingesnoeid. Elke scheut die in het voorjaar en voorzomer gevormd wordt, kan bloeien. De struiken bloeien dus op het "ditjarig hout".
Zo kunnen de twijgen van de Buddleja heel diep ingesnoeid worden. Hypericum, Spiraea en Potentilla zijn voorbeelden van struiken die in maart tot 10cm boven de grond worden afgeknipt. Bij de Hydrangea paniculata, snoeien we de dikke takken diep in en worden dunne takken in het geheel verwijderd.

Perkrozen en Theehybriden moeten altijd gesnoeid worden boven laaggeplaatst oog dat naar de buitenkant van de struik is gericht. Wanneer er 3 tot 5 stevige ingesnoeide twijgen blijven staan, is deze voldoende.
Wilde scheuten en twijgen moeten zo diep mogelijk in de grond worden weggenomen.
Van de Hydrangea macrophylla wordt ieder voorjaar eenderde van de oudste takken diep weggesnoeid. Van de overgebleven takken worden de uitgebloeide bloemen laat in het voorjaar vlak boven een scherp knoppenpaar verwijderd.

Snoeien van struikrozen
Wilt u lang plezier hebben van uw rozen, dan zult u ze op de juiste manier moeten snoeien. Eind maart kunt u de rozen snoeien. Als dit snoeien eerder gebeurt bestaat er gevaar voor bevriezing van jonge uitlopers.

Een goede snoeischaar met scherpe snijvlakken geeft de minste kans op ziektes. Gewone struik- en stamrozen worden op 3-6 ogen van onder af gesnoeid.
Erg lange twijgen kunnen zonodig in het najaar tot 1/3 worden ingekort. Zwakgroeiende rozen worden op 2-3 ogen ingekort. Algemeen geldt, dat hoe sterker de twijg is, des te meer hij teruggesnoeid kan worden.
Er wordt vlak voor een oog dat naar buiten gericht is gesnoeid. Dode stompen en dunne takjes kunnen ook weggehaald worden.

Snoeien van klimrozen
Een klimroos krijgt elk jaar nieuwe kale scheuten. Deze scheuten (twijgen) moeten langs een hekwerk of pergola geleid worden en dragen in het volgende jaar pas bloemen. Bij oudere twijgen (takken) die al bloeiende zijscheuten hebben gehad, moeten de zijscheuten tot op ongeveer 2 centimeter van de hoofdtak teruggesnoeid worden.
Er zullen zich het volgende seizoen nieuwe zijscheuten ontwikkelen die weer volop zullen bloeien. Als u de zijscheuten zou laten zitten gaat de plant er verwilderd uitzien. Als een lange tak enkele jaren gebloeid heeft moet hij zo diep mogelijk teruggesnoeid worden.

Uitgebloeide rozen snoeien
Aan de voet van de rozen ontspringen vaak wilde scheuten. Deze zijn te herkennen aan de sterke groene kleur en aan de vele stekels. Omdat ze onder het oculatiepunt groeien moeten deze zo diep mogelijk weggesnoeid worden.

In het voorjaar is het goed om verteerde organische mest of korrelmest met een hoog kaligehalte (12+10+18) door de bovenste grondlaag te werken. Rozen houden van een kalkrijke grond, het is daarom beter om geen tuinturf te gebruiken.

Snoeien van groenblijvende heesters en coniferen
De meeste coniferen verdragen alleen maar het scheren; met een scherp mes worden in april/mei de topjes van twijg afgesneden.

Doet u dit van jonge leeftijd reeds, dan blijven de struiken vol en gesloten. Sommige coniferen verdragen de snoei ook beter dan anderen, zoals Thuya en Cupressocyparis.
Taxus mag men echter zelfs heel kort snoeien, deze plant bezit te kracht uit te lopen op het blote hout. Picea en Abies snoeit men best niet!

Groenblijvende heesters en coniferen worden meestal na de langste dag gesnoeid. De sterkste groeiperiode is dan achter de rug en er kan meestal volstaan worden met een snoeibeurt per jaar.
Als er na september nog gesnoeid wordt kan het gebeuren dat nieuwe scheuten bij de eerste nachtvorsten bevriezen.

Groenblijvende heesters verdragen snoei heel goed. Het is goed mogelijk om het gehele seizoen waar nodig storende takken weg te knippen. Lelijke struiken kunnen geheel teruggeknipt worden.

De Skimmia kan, als hij te groot is geworden, geheel verjongd worden door in een periode van 3 jaar steeds 1/3 gedeelte van de takjes diep weg te knippen.

Coniferen, zoals Chamaecyparis en Thuja zijn schubconiferen. Deze soorten moeten zoveel mogelijk hun natuurlijke groeiwijze behouden. Regelmatig sporen houdt ze in vorm. Het sporen gebeurt met een scherp mes of snoeischaar. Nieuwgegroeide scheuten worden teruggeknipt maar nooit tot op het oude hout.

Gedurende de maanden april tot augustus kunnen ze in vorm gesnoeid worden.Rigoureus terugsnoeien van schubconiferen is niet mogelijk doordat er geen slapende ogen op het oude hout zitten. Snoeien tot op het oude hout betekent in dit geval dat de tak hier niet meer uitloopt.

Platgroeiende coniferen kunnen ingekort worden door takken diep weg te knippen. Het is de bedoeling dat andere takken over de snoeiplaats heen zullen groeien en de snoeiplaats camoufleren. Platgroeiende coniferen mogen nooit met de snoeischaar langs de buitenkant recht afgesnoeid worden. Gebeurt dit wel zal de conifeer zijn natuurlijke groeiwijze niet meer terugkrijgen.

Naaldconiferen verdragen snoei wel goed. Taxus en Juniperus kunnen zelfs in vorm gesnoeid worden. Deze coniferen hebben wel slapende ogen en snoei activeert deze zodat de plant zich goed hersteld.

Snoeien van klim- en leiplanten
Klimplanten zijn in 3 groepen in te delen.

De eerste groep zijn klimplanten die bloeien van de lente tot de zomer aan takken die het vorige jaar gevormd zijn. Ook de vroegbloeiende Clematissoorten vallen hieronder.
Deze soorten moeten na de bloei gesnoeid worden. Na de snoei zullen zich nieuwe ranken ontwikkelen die het volgende jaar weer zullen bloeien. Is het de bedoeling om de plant de hoogte in te laten groeien dan volstaat alleen het wegnemen van dood en zwak hout.

De tweede groep zijn klimplanten die bloeien vanaf de zomer op het nieuwe hout. Deze soorten kunnen in maart na de vorst gesnoeid worden. Op de nieuwe scheuten zullen in hetzelfde jaar de bloemknoppen gevormd worden.

De derde groep zijn bladplanten groenblijvend of bladverliezend en ontlenen hun sierwaarde aan het blad. Deze soorten kunnen regelmatig in vorm gesnoeid worden.
Bladverliezende soorten kunnen in de winter gesnoeid worden als de takkenstructuur goed te zien is. Klimplanten die aan de onderkant kaal geworden zijn krijgen weer meer blad door regelmatig enkele takken diep weg te snoeien. Op deze manier krijgt de plant weer nieuwe uitlopers.

Als in de zomer bij een snelgroeiende Wisteria (blauwe regen) de nieuwe scheuten wat ingekort worden zal de plant in het volgende jaar beter bloeien.
Klimopsoorten met hechtwortels, zoals Hedera en Hydrangea (klimhortensia) kunnen lelijke plekken in houten raamkozijnen veroorzaken. Door regelmatig te snoeien kan dit verhinderd worden.

Snoeien van hagen
Bij pas geplante hagen is het goed om uitstekende takken regelmatig weg te knippen. Slapende ogen zorgen ervoor dat de plant zijscheuten maakt zodat de haag een dichte takenstructuur krijgt. De snoeitijd van een haag hangt af van de soort haag die aangeplant is.
Langzaam groeiende strakke hagen zoals Taxus en beuk, kunnen 1x per jaar in augustus gesnoeid worden.Snelgroeiende strakke hagen zoals liguster moeten vanaf juni om de 4 tot 6 weken gesnoeid worden.

De grootbladige Prunus laurocerasus moet met een snoeischaar gesnoeid worden voor een mooi resultaat. Als deze met de heggenschaar wordt gesnoeid zullen de bladeren half afgeknipt worden. Dit blijft lange tijd zichtbaar en is geen fraai gezicht.

Als de haag in augustus - september gesnoeid wordt blijft hij de gehele winter in de juiste vorm. Soms groeit een haag zo snel dat hij in juni al aan een snoeibeurt toe is.
Het is goed mogelijk om de haag in juni een keer te knippen en in augustus / september nog een tweede keer. Vaker snoeien betekent dat slapende ogen geactiveerd worden zodat de haag een dichte takkenstructuur krijgt.

Een haag moet aan de onderkant breder zijn dan aan de bovenkant. Het zonlicht moet de takken goed kunnen bereiken. Gebeurt dit niet dan kunnen er kale plekken in de haag ontstaan door het gebrek aan licht. Bij coniferen zijn deze kale plekken niet meer te herstellen!

Losse bloeiende hagen moeten gesnoeid worden als heesters; de voorjaarsbloeiende hagen na de bloei en zomerbloeiende hagen in het voorjaar. Besdragende heesters kunnen het best gedeeltelijk gesnoeid worden nadat de bessen afgevallen zijn.


©2006-2010 florafun.be Webdesign: Josiah Soetaert